#IntroTheWild: Week 7 in Chiang Mai, amai amai

Chiang Mai, daar voelde ik een klein beetje Westen in het Oosten. En tegelijk ook héél veel Oosten-oosten. Ik heb van beide geproefd (letterlijk, want er was weer veel eten) en ik kan het bevestigen: ze zijn alletwee goedgekeurd.

Eigenlijk heb ik geproefd van een Chiang Mai sandwich: een stukje Westen, een stukje Oosten, een stukje Westen. Met andere woorden: eerst het hippe, expatrijke Nimman ontdekken, vervolgens mediteren met monks in de bergen en tenslotte gigantisch de toerist uithangen in het oude deel van Chiang Mai.

Het eerste stukje Westen

Na Myanmar was ik een beetje uitgetempeld, dus ik was héél blij dat ik terug de digital nomad in mijzelf naar boven kon halen. Lees: in een coworking space aan mijn blog werken, hele dagen hangen in één en hetzelfde café, fietsen langs art galleries en eten. Heel veel eten. Qua lokale dingen: ik heb olifanten gezien. Eén tempel. En ik heb meegedaan met de mall-cultuur. Yep, dat hoort er ook bij. Omdat ik alleen in mijn hostel zat, was ik vriendjes geworden met eigenaar Tony. En dus zijn we op een avond samen met zijn vriendin én nog een andere vriend naar Wonder Woman II gaan kijken. Inclusief een gebedje voor de koning voor de film begon.

En dat voor een hele week. Heerlijk. Maar. Er begon toch iets te knagen. En nee, het was niet mijn maag, want ik had ondertussen alle quinoa in Chiang Mai opgegeten. Tijd om te leren mediteren, dus.

Mediteren op een berg

Die berg, dat was meteen het eerste dat ik moest overwinnen. Pa Pae Meditation Retreat ligt op ongeveer één derde van de weg naar Pai. En die tocht naar Pai, met zijn duizend bochten, daar had letterlijk iedereen die ik was tegengekomen mij al voor gewaarschuwd. Gelukkig was er Tony, die mij in zijn Toyota gewoon recht voor de deur afzette. Een meevaller, heet dat dan.

20641272_10156126474484528_1257082504_o

Andere dingen die niet alleen ik, maar iedereen anders in Pa Pae ook moest overwinnen: vier dagen geen internet, geen eigen kleren, geen avondeten, geen bed. Wel: om 5 uur opstaan voor de eerste chantings, een strak meditatieschema, klusjes, elke dag dezelfde witte kleren, koude douches en dunne matrassen op de grond. En toch was het tof.

Let me tell you why.

Oké, die eerste meditatie viel niet mee (danku duizend muggen). En die tweede, de ochtend erna om 5u, eigenlijk ook niet. Maar de monk was leuk, legde alles goed uit, en eigenlijk was het best een makkelijke manier van mediteren. Er was geen pose die je moest aanhouden. Het hele terrein was volgebouwd met mooie plekjes. Bamboe schommels, een rivier, een vijver, een kampvuur. Het eten was kraakvers (en ze hielden rekening met elk klein allergietje van mij <3). De mensen – we waren met zeven – waren stuk voor stuk goud waard.

20170608_125918

Uitleggen hoe mediteren echt voelde valt met geen woorden te beschrijven; het is namelijk voor iedereen anders. Laat het mij gewoon zo zeggen: wanneer ik het juiste evenwicht vond tussen concentratie en niet willen een dutje doen, gebeurde er iets magisch. Maar niet altijd: ik denk dat we ongeveer 12 sessies hadden, en daarvan waren er drie ‘goeie’. Hard werken dus.

Het mentale ploeteren werd ook afgewisseld met fysiek ploeteren. Hout sprokkelen voor het kampvuur, met z’n allen vers gras leggen dat we met onze voeten in de grond duwden. Uw lichaam zit aan z’n grenzen door weinig slaap en weinig eten, maar uw hoofd voelt fris en leeg. Sterker, gewapend, alsof het terug helemaal van u is.

Een beetje een mentale makeover, dus. En hoe die witte kleren ruiken na ze drie dagen aangehad te hebben? Geloof mij, dat wilt ge écht niet weten.

Het tweede vleugje Westen

Was moeilijk om mij op te concentreren. Ik was echt uitgeput, en ik was blij dat ik een mooi hotel met zwembad geboekt had om weer even bij te komen. Ik heb de must-see’s van Chiang Mai’s oude stad bezocht, nog een dag doelloos rondgehangen in Bangkok, maar mijn hoofd zat al in België. Want er ging er eentje trouwen…

 

%d bloggers like this: